Gemeente Leiderdorp

U bent hier: HomeBeleidsbegrotingParagrafenParagraaf 2 :...

Download als pdf

Zelf je pdf samenstellen

Geselecteerde pagina's: 0

Paragraaf 2 : Weerstandsvermogen en risicobeheersing

1. Inleiding

Weerstandsvermogen
Het weerstandsvermogen is de relatie tussen de weerstandscapaciteit, zijnde de middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken, en alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie.

Het weerstandsvermogen wordt uitgedrukt in een ratio weerstandsvermogen en afgezet tegen de algemeen geldende weerstandsnorm. Die ratio geeft de mate aan, waarin de gemeente in staat is om tegenvallers op te vangen zonder effecten voor het voorzieningenniveau.

Weerstandscapaciteit
Het weerstandscapaciteit bestaat in principe uit de algemene reserve, de bestemmingsreserves, de langlopende voorzieningen en de begrotingspost onvoorzien.

Het is een politieke afweging om te bepalen welke delen van de incidentele en structurele componenten men tot de weerstandscapaciteit wil rekenen. In het beleidskader weerstandsvermogen en risicomanagement is die afweging uitgewerkt.

Risicomanagement
Een risico is een mogelijke gebeurtenis met een negatief gevolg voor de organisatie. De gemeente wil risico's die zij loopt zoveel mogelijk beheersen door ze structureel en op systematische wijze te identificeren, prioriteren, analyseren, beoordelen. Door een goed systeem van risicomanagement worden bestuurders en managers in staat gesteld voor risico’s, die het behalen van de doelstellingen van de organisatie bedreigen, passende beheersmaatregelen te nemen.

2. Risico's

Risico-overzicht
Om de risico's in kaart te brengen is een risicoprofiel opgesteld. Dit risicoprofiel is tot stand gekomen met behulp van een risicomanagementinformatiesysteem dat bij meer gemeenten wordt gebruikt. Hiermee worden risico's systematisch in kaart gebracht en beoordeeld door alle afdelingen binnen de gemeente. Op grond van het beleidskader weerstandsvermogen en risicomanagement worden in het onderstaande overzicht alleen de 10 grootste risico's gepresenteerd met de hoogste bijdrage, nadat een beheersmaatregel is getroffen, aan de berekening van de benodigde weerstandscapaciteit aangevuld met de getroffen beheersmaatregel. Onderaan de tabel is het totaalbedrag voor de overige risico’s opgenomen.

Tabel 1: de 10 belangrijkste risico's

PRG

Risico (incl.gevolg)

Beheersmaatregel

Kans

Financieel gevolg (max) in €

Invloed

1

Onvoldoende budget om benodigde aanbod voor ondersteuning te realiseren (met name op PGB Jeugd)

Actief
1. permanente monitoring budget om actie te kunnen ondernemen;
2. inventariseren aantallen lopende trajecten;
3. financiële reserve aanleggen;
4. verschuiving in prioriteiten gemeente
begroting;
5. kosten baten op lange termijn onderzoeken;
6. samenwerking op financieel gebied, spreiding financiële risico's in regio, bijv. bij financiële gevolgen incidenten jeugdzorg

90%

1.400.000

9.65%

1

Btw niet compensabel op jeugdzorg en wmo die via een samenwerkings-
verband wordt ingekocht.

Actief
1. Geen samenwerkings-
verband;
2. landelijke lobby

90%

600.000

4.15%

1

Niet tijdig beschikken over juiste informatie ten behoeve van beleids- ontwikkeling en begroting en informeren cliënten

Actief
1. bepalen en inventariseren van gegevens die nodig zijn;
2. inzichtelijk maken welke informatie wel binnen gemeente en regio beschikbaar is;
3. signaleren ontbrekende informatie en lobby naar landelijke overheid

90%

600.000

4.14%

7

Exploitatie door derden in combinatie met beperkte bankgarantie. Recht op bankgarantie, deze zal echter niet toereikend zijn om herinrichtings-
kosten en/of eventuele milieuproblematiek te dekken. Daarnaast vervalt mogelijk een deel van de huuropbrengst van de polder.

Actief
Uitvoerings-
kosten liggen bij een externe partij en er is voorzien in een goede monitoring (Omgevingsdienst West-Holland/Provincie)

50%

1.000.000

3.83%

8

Doordat de interne rentebaten en rentelasten voor een groot deel afhankelijk zijn van de GIG heeft een verschuiving in de geprognosticeerde uitgaven en inkomsten binnen de GIG projecten een direct effect op het rentesaldo. De GIG wordt defensief geraamd. Dit leidt echter tot een offensieve raming voor het rentesaldo. In de begroting is voorzichtig met de renteposten van de GIG omgegaan, toch kunnen hier nog extra nadelen cq voordelen op volgen. Lagere inkomsten op de interne rente cq hogere uitgaven.

Actief
Rente onderzoek gedaan. Rente opbrengst in exploitatie is afgetopt

90%

500.000

3.45%

1

ICT-systemen niet tijdig gereed om gebruik en uitwisseling van informatie te ondersteunen

Actief
1. aansluiting zoeken bij landelijk advies over informatie- voorziening;
2. inventarisatie betrokken systemen inclusief verwachte knelpunten;
3. beginnen met veilige ict-toepassingen, bewezen technologie;
Acties:
1. audit tbv toets privacy en veiligheid gegevens;
2. duidelijke afspraken en protocol over informatie- beveiliging en privacy gegevens
3. informatie- voorziening inrichten vanuit principe klant is eigenaar dossier en medewerkers hebben toegang

90%

400.000

2.78%

2

Kosten voor beschutte werkplekken en re-integratie bij DZB nemen toe

Actief
Keuzes over verdeling budget over doelgroepen en inzet van effectieve instrumenten op basis van financieel afwegingsmodel, waarin de financiële gevolgen in grote lijnen zijn aangegeven.

90%

400.000

2.76%

8

Verstrekte garantstellingen voor leningen aan diverse instellingen, kunnen niet worden afgelost. Dit risico is gestegen ten gevolge van de kredietcrisis (inclusief NHG). (zie ook R62)

Actief
Beleid is erop gericht dat er geen nieuwe garantstellingen zonder waarborg worden afgegeven.

90%

400.000

2.76%

7

Op een terrein is een discussie over het verlenen van medewerking aan programma eigenaar/ontwikkelaar

Suggestie
Contractueel goed vastleggen van afspraken

70%

500.000

2.71%

1

Gemeente is niet in staat inkoop/aanbesteding voldoende te realiseren

Actief
1. tijdig betrekken deskundigen op terrein van financiën en aanbesteding;
2. In aanbestedings- traject meerdere mogelijkheden tot sturing aanbrengen;
3. verschillende modellen voor bekostiging logisch inzetten;
4. inzetten op kennis en expertise uitwisselen met partners

70%

450.000

2.43%

Totaal grote risico's

6.250.000

Overige risico's (104)

25.899.005

Totaal alle risico's

32.149.005

Veranderingen in top 10 van risico’s

Gemeenten zijn verantwoordelijk gemaakt voor jeugdzorg, werk en inkomen en zorg aan langdurig zieken en ouderen (Jeugdwet, Participatiewet en Wmo). Dit zijn de drie decentralicaties (3D). Hierdoor zijn er 3D risico's t.o.v. de vorige risico's (1ste bestuursrapportage 2014) in de top tien gekomen. Dit zijn:

  • Onvoldoende budget om benodigde aanbod voor ondersteuning te realiseren (met name op PGB Jeugd);
  • Btw niet compensabel op jeugdzorg en wmo die via een samenwerkings-
    verband wordt ingekocht;
  • Niet tijdig beschikken over juiste informatie ten behoeve van beleids- ontwikkeling en begroting en informeren cliënten;
  • ICT-systemen niet tijdig gereed om gebruik en uitwisseling van informatie te ondersteunen;
  • Kosten voor beschutte werkplekken en re-integratie bij DZB nemen toe;
  • Gemeente is niet in staat inkoop/aanbesteding voldoende te realiseren.

Benodigde weerstandscapaciteit
Op basis van de ingevoerde risico's is een risicosimulatie uitgevoerd. De risicosimulatie wordt toegepast omdat het reserveren van het maximale bedrag van € 32.149.005 voor alle risico's ongewenst is. De risico's zullen immers niet allemaal tegelijk en in hun maximale omvang optreden. Bij de simulatie is gerekend met een zekerheidspercentage van 90%.
Het resultaat is dat met een benodigde weerstandscapaciteit van € 8.180.343 het voor 90% zeker is dat alle risico's kunnen worden afgedekt. De benodigde weerstandscapaciteit wordt bepaald door alle risico's waarvoor geen of onvoldoende beheersmaatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie.

Onderstaande tabel bevat een overzicht van de meest relevante percentages en de daarmee corresponderende benodigde weerstandscapaciteit.

Tabel 2: Benodigde weerstandscapaciteit bij verschillende zekerheidspercentages

Percentage

Bedrag (€)

75%

7.267.031

80%

7.502.921

85%

7.794.574

90%

8.180.343

95%

8.777.960

3. Beschikbare weerstandscapaciteit

Voor het bepalen beschikbare weerstandscapaciteit wordt uitgegaan van de kadernota weerstandsvermogen en risicomanagement (2009) alsmede de nota’s en reserves en voorzieningen (2013) gebruikt. De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat uit een direct en niet direct beschikbaar deel. De niet direct beschikbare deel kan na democratische besluitvorming worden omgezet van een niet direct beschikbaar naar direct beschikbaar.

Tabel 3: Beschikbare weerstandscapaciteit

Weerstand

Capaciteit (€)

Direct beschikbaar

3.766.198

Niet direct beschikbaar

9.613.413

Begroting: Onvoorziene lasten

55.183

Totale weerstandscapaciteit

13.434.794

4. Weerstandsvermogen

Om te bepalen of het weerstandsvermogen toereikend is, dient de relatie te worden gelegd tussen de financieel gekwantificeerde risico's en de daarbij horende benodigde eerstandscapaciteit en de beschikbare weerstandscapaciteit. De relatie tussen beide componenten wordt in onderstaande figuur weergegeven.

Ratio weerstandsvermogen =

Beschikbare weerstandscapaciteit

=

€ 13.434.794

=

1,64

Benodigde weerstandscapaciteit

€ 8.180.343

Tabel 4: Weerstandsnorm

Waarderingscijfer

Ratio

Betekenis

A

> 2.0

uitstekend

B

1.4-2.0

ruim voldoende

C

1.0-1.4

voldoende

D

0.8-1.0

matig

E

0.6-0.8

onvoldoende

F

< 0.6

ruim onvoldoende

De normtabel is ontwikkeld in samenwerking met de Universiteit Twente. Het biedt een waardering van het berekende ratio. Het ratio valt in klasse B. Dit duidt op een ruim voldoende weerstandsvermogen.

Uitgaande van een gelijke benodigde weerstandscapaciteit en de verwachte beschikbare capaciteit zal de ratio de komende jaren de kwalificatie uitstekend houden. Ultimo 2018 daalt de ratio maar is nog steeds ruim voldoende. Het verloop van de ratio voor de komende jaren is als volgt:

Tabel 5: Prognose meerjaren

Ratio weerstandsvermogen

Ratio

Betekenis

31-12-2015

2,12

uitstekend

31-12-2016

2,11

uitstekend

31-12-2017

2,02

uitstekend

31-12-2018

1,73

ruim onvoldoende

5. Bodem in algemene reserves
In de nota reserves en voorzieningen is opgenomen:
8. Algemene reserves hebben een bodem (pagina 5)
(…) Voorgesteld wordt dat jaarlijks bij de begrotingsbehandeling toch een bodem van de algemene reserves wordt vastgesteld. Bij voorstellen tot onttrekking wordt steeds getoetst ten opzichte van deze bodem. Indien door onverwachte omstandigheden de algemene reserves onverhoopt toch onder deze bodem daalt wordt door het college een plan aangedragen tot het aanzuiveren van de reserve.

De algemene reserves bestaan uit 2 reserves te weten:
- De algemene reserve
- Reserve bouw- en grondexploitaties

Een vaste bodem in een algemene reserves is niet wenselijk omdat het dan onmogelijk wordt om een onverwachte tegenvaller te dekken indien de bodem van de algemene reserves bereikt is. En de algemene reserves zijn er juist om dergelijke onverwachte tegenvallers op te vangen. Er is daarom voor gekozen om een bodem te bepalen met als opdracht aan het college om te komen met een plan ter aanvulling van de algemene reserves indien het saldo beneden dit peil zakt.

Onverwachte tegenvallers kunnen natuurlijk van iedere omvang zijn. Een bodem in de algemene reserves kan dit niet voorkomen. Er dient dan ook een relatie te zijn tussen het minimum saldo van de algemene reserves en het weerstandsvermogen. Op dit moment is het ratio weerstandsvermogen voor alle jaren ruim voldoende, een bodem van de algemene reserves van 15% is voldoende om de eerste tegenvallers op te vangen.

Er zijn voldoende andere dekkingsmiddelen direct of indirect beschikbaar om het tekort aan te vullen. Op het moment dat de ratio weerstandsvermogen daalt is het beter om de bodem van de algemene reserves te verhogen. Het volgende schema zou hierbij gehanteerd kunnen worden:

Ratio weerstandsvermogen

% benodigde weerstandscapaciteit

Benodigde bodembedrag

Uitstekend

10%

€ 820.000

Ruim voldoende

15%

€ 1.230.000

Voldoende

25%

€ 2.050.000

Als toelichting zijn de percentages ook in saldi van de huidige benodigde weerstandscapaciteit van € 8,2 miljoen uitgedrukt. In 2015 wordt, conform het coalitieakkoord de nota reserves en voorzieningen herzien. Dan zal tevens de kadernota weerstandsvermogen & risicomanagement worden herzien. De verhouding tussen ratio weerstandsvermogen en bodem algemene reserves zal hier nader worden uitgewerkt.

Tabel 6: Risicoverdeling per programma

Risico per programma

Aantal risico's

Brutobedrag

Nettobedrag (=bedrag na maatregelen)

M1

Aantal risico's m.b.t. samenwerkings-verbanden

Programma 1 Zorg, Welzijn, Jeugd

23

5.627.000

5.625.000

20

2

Programma 2 Werk en Inkomen

3

800.000

800.000

2

0

Programma 3 Kunst, Cultuur en Sport

1

200.000

200.000

0

0

Programma 4 Beheer openbare ruimte

9

1.815.000

1.775.001

3

0

Programma 5 Ruimtelijk Beleid

2

200.000

60.000

1

0

Programma 6 Bestuur, Burgerzaken en Veiligheid

37

14.899.002

11.879.002

38

5

Programma 7 Grondontwikkeling

18

8.025.000

6.350.001

17

0

Algemene dekkingsmiddelen

15

6.125.001

4.830.001

10

0

Niet in te delen in programma

6

630.000

630.000

2

1

Totaal

114

38.321.003

32.149.005

93

8

Uitplitsing programma 7 Grondontwikkeling

W4-risico's

17

7.525.000

5.850.001

0

0

overige programma 7

1

500.000

500.000

0

0

Totaal

18

8.025.000

6.350.001

0

0

  1. 1Aantal actieve beheersmaatregelen
Ga naar boven
/leiderdorp-programmabegroting-2015