Gemeente Leiderdorp

U bent hier: HomeWoord Vooraf

Download als pdf

Zelf je pdf samenstellen

Geselecteerde pagina's: 0

Woord Vooraf

Leiderdorp: klaar om de nieuwe taken aan te kunnen
Bent u er klaar voor? Dat is dé vraag die alle Nederlandse gemeenten momenteel gesteld krijgen. Zijn we klaar om per 2015 de verantwoordelijkheid te dragen voor de taken die de provinciale en rijksoverheden (met financiële korting) overdragen aan de gemeente Leiderdorp? Zullen de jeugdhulp, de uitgebreide maatschappelijke ondersteuning en arbeidsparticipatie goed geregeld zijn? Het antwoord op die vraag is geen eenduidig ‘ja’. Er is, samen met professionals, de partners, andere gemeenten in de regio Holland Rijnland en uw raad ongelooflijk hard gewerkt om het voor elkaar te krijgen.

Wat we nu weten zit in deze begroting verwerkt, zowel beleidsmatig als financieel. In de programma’s zijn de consequenties zoveel mogelijk in beeld gebracht. Zoals bij alle gemeenten geldt hierbij ook voor Leiderdorp dat deze verwerking is gebaseerd op vele aannames. 2015 zal moeten uitwijzen in hoeverre deze aannames werkelijkheid worden. Uiteraard zullen wij u hierover regelmatig en tijdig informeren. In paragraaf 10 zijn de consequenties ook nog eens op een rij gezet.

We zijn ervan overtuigd dat we aan de slag kunnen op 1 januari 2015, maar dat wil niet zeggen dat álle vraagstukken die bij deze grote veranderingsoperatie horen dan ook opgelost zullen zijn. De kracht van het voorbereidingsproces is geweest dat wij ons allemaal verantwoordelijk hebben gevoeld voor het welslagen. In 2015 gaan wij het echt doen en we zullen daarbij onvermijdelijk tegen vraagstukken aanlopen die we niet eerder hebben voorzien. Wij hopen en verwachten dat alle partners zich gedurende 2015 zullen blijven inzetten om gezamenlijk te komen tot de beste jeugdhulp, maatschappelijke ondersteuning en participatietrajecten die Leiderdorp aan haar inwoners kan bieden.  

Financieel: lokale lasten stijgen minimaal, toekomstige bezuinigingen noodzakelijk­
Met genoegen presenteren wij u de eerste begroting van deze raadsperiode. Het is wederom gelukt om u een sluitende begroting aan te bieden. De begroting is sluitend voor alle jaren. We indexeren de lokale lasten met 1% conform het coalitieakkoord, dat wil zeggen met niet meer dan de verwachte inflatie.

Zoals ook al in de kadernota vermeld, komt er nog een forse bezuinigingstaakstelling op ons af. De begroting is nu weliswaar sluitend, maar zonder de inzet van de behoedzaamheidsreserve was dit niet gelukt. Wij zijn daarom nu al druk doende om bezuinigingsvoorstellen uit te werken, zodat in de financiële kadernota van komend voorjaar een voorstel aan u kan worden voorgelegd om de begroting weer structureel in evenwicht te brengen. Want de inzet van de behoedzaamheidsreserve betekent helaas dat de jaren 2017 en 2018 niet structureel in evenwicht zijn. Ook neemt de schuldpositie in de jaren 2017 en 2018 fors toe. Ook hier zullen maatregelen voor genomen moeten worden.

Uitgangspunten
Uitgangspunt voor deze begroting is de begroting 2014-2017 en de financiële kadernota 2015. In uitzondering op de financiële kadernota zijn de volgende mutaties doorgevoerd:

  • Het coalitieakkoord is verwerkt; onderstaand wordt hier nader op ingegaan.
  • Sportfondsen: de in de kadernota opgenomen post inzake sportfondsen is gewijzigd overgenomen. De taakstelling (ooit € 100.000) is wel degelijk gerealiseerd door sportfondsen. De bijdrage aan sportfondsen wordt conform het contract jaarlijks geïndexeerd met cpi plus 1%. Doordat jaarlijks in de kadernota de indexatie op de lasten niet wordt doorgevoerd komen we geld tekort op dit begrote budget. Zoals ook in de kadernota opgenomen kunnen deze tekorten opgevangen worden binnen de bestaande middelen. In de begroting is nu uitsluitend de extra index van 1% structureel in de begroting opgenomen.
  • De uren per programma en per investering zijn opnieuw ingeschat en conform deze inschatting verwerkt.
  • De rente van de GIG is doorgerekend en betekent een voordeel voor 2015 en een nadeel voor 2016, dit was al als risico opgenomen in de kadernota
  • De kapitaallasten zijn aan de hand van de laatste bekende planningen bijgesteld.
  • De verwachte rente op de langlopende leningen is bijgesteld aan de hand van de nieuwste liquiditeitsplanning
  • De door deze mutaties ontstane verschillen zijn verrekend met de behoedzaamheidsreserve algemene uitkering. Dit betekent dat er in 2015 meer in deze reserve wordt gestort en dat er voor de jaren 2017 en 2018 meer wordt onttrokken dan in de kadernota was voorgesteld. Daarnaast is voor 2018 een algemene taakstelling opgenomen voor toekomstige bezuinigingen.

De effecten van de septembercirculaire voor Leiderdorp zullen voor de raadsbehandeling van deze begroting aan u worden toegezonden. Uitgangspunt voor het college blijft dat eventuele tekorten binnen het betreffende beleidsveld moeten worden opgevangen.

Coalitieakkoord
Het coalitieakkoord 2014-2018 ‘Van meepraten naar meedóen’ is verwerkt in deze begroting. In de programma's zijn de activiteiten en doelen van het coalitieprogramma opgenomen. De financiële consequenties zijn voor zover inzichtelijk eveneens opgenomen in deze begroting.

Het coalitieakkoord is vertaald in het uitvoeringsprogramma. Hiermee is inzichtelijk gemaakt wat het college deze coalitieperiode wil realiseren. De consequenties van het coalitieakkoord in resultaten, planning en financiën zijn hiermee, voor zover nu duidelijk, in beeld gebracht. Daar waar het toekomstige investeringen betreft en de kosten nog moeten worden doorberekenend (nu veelal als PM post aangegeven), zal dit op de investeringsagenda worden geplaatst. Tussentijds wordt over de voortgang van de uitvoering van het coalitieakkoord gerapporteerd via de bestuursrapportages.

De lokale lasten
Conform het coalitieprogramma stijgen de totale lokale lasten in 2015 met niet meer dan de verwachte inflatie. Voor 2015 betekent dit een stijging van 1%. Hieronder lichten we de diverse onderdelen van de lokale lasten toe.

  • Onroerendezaakbelasting (OZB). In de begroting 2013-2016 was voor 2015 een extra stijging van de OZB opgenomen van 1%, gekoppeld aan een evenredige daling van de afvalstoffenheffing (2,17%). Tezamen met de nu doorgevoerde indexatie van 1% stijgen de tarieven van de OZB ten opzichte van 2014 derhalve met 2%. De exacte tarieven zijn nu nog niet bekend. Deze worden u ter vaststelling aangeboden voor de raad van december, zodat de tarieven op basis van de meest recente WOZ-waarden berekend kunnen worden.
  • Afvalstoffenheffing. De afvalstoffenheffing is met 1,17% gedaald. Deze daling bestaat uit een indexering van 1% conform de kadernota en een daling van 2,17% conform de begroting 2013-2016.
  • Rioolrechten. De tarieven worden eveneens met 1% geïndexeerd.

Naast de indexering is ook in 2015 sprake van een stijging van de rioolrechten met 5,5% op basis van het vastgesteld verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan (vGRP). Deze verhoging bedraagt nominaal circa € 77.000. In 2013 en 2014 kon deze stijging nog worden opgevangen door een extra verlaging van de afvalstoffenheffing. Voor 2015 bestaat die mogelijkheid niet, omdat wij worden geconfronteerd met een extra rijksbelasting op het verbranden en storten van afval. Dit bedraagt naar verwachting circa € 100.000 per jaar.

Uitgangspunten provincie
Ook dit jaar heeft de provincie ons vooraf geïnformeerd over haar uitgangspunten voor de beoordeling van de door ons ingediende begroting. De provincie geeft hierbij aan:

Geregeld bij Wet, conform artikel 189 van de Gemeentewet, dient ieder jaar de begroting in evenwicht te zijn. indien dit niet het geval is, dient de meerjarenraming aannemelijk te maken dat dit evenwicht in het laatste jaar van de meerjarenraming uiterlijk tot stand wordt gebracht. De structurele lasten moeten gedekt zijn door structurele baten. Ook brengt de kaderstellende en controlerende taak met zich mee dat u erop toeziet dat bezuinigingen en taakstellingen van structurele aard zijn en gebaseerd op realiteit. Wanneer uw financiële positie op orde is en de (meerjaren)begroting structureel en reëel in evenwicht is, zal repressief toezicht van toepassing zijn. Dit betekent dat een gemeente zonder onze voorafgaande goedkeuring de begroting en begrotingswijzigingen kan uitvoeren en zult u weinig 'toezichtlast' ervaren. Wanneer deze verantwoordelijkheid niet wordt genomen, zal de actieve toezichtsrol van de provincie naar de ernst van de financiële positie toenemen.

Voor 2015 geldt dat de structurele lasten gedekt worden door de structurele baten, ook zijn de taakstellingen getoetst op structurele realiteit. Hiermee wordt voldaan aan de voorwaarden van de provincie.

Verdeling van de lasten en baten over de diverse programma’s
Onderstaande tabel geven de verdeling van de baten en lasten voor 2015 per programma weer. Hierbij zijn ook de baten en lasten van de algemene dekkingsmiddelen meegenomen. De resultaatbestemming, de onttrekkingen en stortingen in de reserves, zijn hierin ook meegenomen.

Bedragen x € 1.000

Lasten

Baten

% lasten

% baten

1 Zorg,Welzijn,Jeugd en Onderwijs

18.929

-680

23%

1%

2 Werk en Inkomen

10.305

-4.752

13%

6%

3 Kunst, Cultuur en Sport

2.600

-71

3%

0%

4 Beheer openbare ruimte

11.975

-4.525

15%

6%

5 Ruimtelijk beleid

1.880

-522

2%

1%

6 Bestuur Burgerzaken & Veiligheid

13.123

-904

16%

1%

7 Grondontwikkeling

12.171

-12.631

15%

15%

Algemene Dekkingsmiddelen

2.107

-45.790

3%

56%

Resultaatbestemming

9.006

-12.223

11%

15%

82.097

-82.097

100%

100%

De begroting is hiermee sluitend en structureel in evenwicht voor 2015 en 2016. De jaren 2017 en 2018 zijn op dit moment niet in structureel evenwicht. Nadere toelichting op het structureel evenwicht is opgenomen in de financiële begroting onderdeel F, Structureel en reëel evenwicht.

Wij zien uit naar de bespreking van deze begroting in uw raad.

7 oktober 2014

College van Burgemeester en Wethouders

Ga naar boven
/leiderdorp-programmabegroting-2015